|
Arnhem is een stad die je op één middag uitloopt. Van de Bovenbeekstraat naar het Jansplein ben je in vijf minuten en de Rijnkade ligt daar net achter. Dat maakt het aantrekkelijk om een bezoek niet rond één adres te plannen, maar rond een route. Je begint met iets te eten, je wandelt een stuk, en aan het eind van de middag zit je alweer ergens anders. Het centrum is kleiner dan je denktDe horeca zit geconcentreerd in een handvol gebieden met elk een eigen karakter. De Zeven Straatjes, rond de Bakkerstraat en de Weverstraat, zijn het domein van kleine winkels en zaken met een paar tafels op de stoep. De Korenmarkt is drukker en luider, vooral in het weekend. Rond het Jansplein en de Bovenbeekstraat vind je de tussenvorm, met terrassen die op de straat uitkijken zonder dat je midden in het uitgaansgebied zit. Loop je door naar de Rijnkade, dan heb je de rivier ernaast. Praktisch betekent dat vooral dat je niet hoeft te kiezen. De afstanden zijn zo klein dat de sfeer van een straat kan bepalen waar je neerstrijkt, en niet je agenda. Lunchen zonder haast
Voor lekker lunchen in Arnhem hoef je het centrum niet uit, want binnen de singels zit het aanbod dicht op elkaar. Het verschil zit in wat je van je middag wil maken. Een broodje tussen twee winkelrondes vraagt om een andere plek dan een tafel waar je twee uur blijft plakken. Deze punten helpen bij het uitkiezen van een adres.
Bij twijfel is een blik op de online menukaart genoeg. Staan er acht gerechten op waarvan de helft wisselt per week, dan weet je al veel over de zaak. Het uur waarop de stad omschakelt
Rond een uur of vijf verandert het centrum van toon. De winkelstraten lopen leeg, de terrassen vullen zich en zaken die de hele dag koffie hebben geschonken zetten de tap open. Bij Café Eijck aan de Bovenbeekstraat is die lange middag zelfs het uitgangspunt. In de zomer gaat de deur pas in de middag open en blijft het daarna tot in de late uren doorlopen, een keuze die je in Arnhem steeds vaker ziet. Wat borrelen in Arnhem aangenaam maakt, is dat de overgang van middag naar avond vloeiend gaat. Je hoeft niet te verkassen om in een andere avond terecht te komen. Een bord bitterballen wordt een schaal om te delen, het glas wijn wordt een fles, en voor je het weet eet je gewoon door. Handig om te weten is dat het aanbod sterk verschilt per buurt. Op de Korenmarkt zit je in het weekend tussen de muziek en de grote groepen, terwijl je een paar straten verderop een gesprek kunt voeren zonder te schreeuwen. Dat maakt de ene plek niet beter dan de andere, maar het scheelt wel of je met twee mensen of met twaalf op stap gaat. Een route die zichzelf uitroltHet voordeel van een compact centrum is dat je weinig hoeft vast te leggen. Kies één ankerpunt, een lunchadres of een terras waar je aan het eind van de middag wil zitten, en laat de rest ervan afhangen. Loopt het anders dan bedacht, dan ben je in tien minuten aan de andere kant van de stad. Arnhem is daar klein genoeg voor en tegelijk groot genoeg om altijd een alternatief te hebben. |
